Johannes 15 - Ik ben de ware Wijnstok: Blijf in Mij!
Preek startzondag 2025
Tekst Johannes 15:1-10
Geliefde gemeente van onze Heer Jezus Christus,
[#1] Zonder Mij kun je niets doen, zegt Jezus in dit gedeelte.
Nu de zomer voorbij is, de catechisaties weer begonnen, de kerkenraad weer vergadert,
de bijbelstudies, vereniging en het jeugdwerk weer beginnen,
horen we deze uitspraak: Zonder Mij kun je niets doen.
Wie zonder Jezus Christus wil beginnen, werken, kerk wil zijn, komt nergens.
Daarom de aansporing in het thema: Ik ben de ware wijnstok, BLIJF IN MIJ!
Maar hoe doe je dat: ‘in Jezus blijven?’
Hoe voorkom je dat kerk-zijn puur eigen werk wordt, iets zonder Jezus?
En tegelijk: wat voegt het toe, wat verandert er, als je wel met Jezus verbonden bent?
Gaat het ons lukken om met de wijnstok verbonden te blijven,
zoals we vorige week met het Avondmaal in wijn en druivensap gevierd hebben.
Of doe je in de kerk toch vooral dingen voor jezelf:
Zoals je het zelf wilt, zoals goed voor jou voelt, zoals jij het gewend bent?
Zonder Mij kun je niets doen, zegt Jezus.
Hoe voorkom je dat zonder Jezus door het leven gaat?
Dat geloven iets is van ‘ik weet dat wel’, ‘ik ben het gewend’, ‘ik ga naar de kerk’,
maar dat je ondertussen bijna nooit leest in de bijbel, niet je handen vouwt.
Dat het niet lukt om je dagelijks leven, thuis, op school of op je werk met Hem te verbinden.
Dat je niet werkelijk groeit en vrucht draagt, waardoor je houding verandert
en je vol wordt van de liefde van Christus, maar dat je juist opgeeft en loslaat:
Geen energie meer hebt om in de gemeente aan de slag te gaan.
Geen rust bij Jezus vindt, en misschien zelfs Jezus loslaat en zonder Hem verder gaat.
Iets wat helaas voor zoveel mensen in onze samenleving geldt.
Dus: zonder Mij kun je niets doen. Hoe blijf jij in Jezus?
[#2] Waarom zou juist dit gedeelte ons hier veel over kunnen leren?
Als groepje dat het jaarthema voorbereidde kwamen we bij deze tekst uit.
We lezen hier in Johannes 15 dat Jezus zich de ware Wijnstok noemt.
Het is kort voordat Jezus afscheid zal nemen en zal gaan sterven.
Ze hebben net het laatste avondmaal gevierd, gedronken van de vrucht van de wijnstok.
Jezus heeft gezegd dat Hij het nieuwe verbond door zijn bloed instelt.
Nu vertelt Jezus nog wat er zal gaan gebeuren, als Hij weg gaat.
Hij spreekt over hoe Hij de Heilige Geest zal schenken, Hij bidt voor de leerlingen.
Zijn hogepriesterlijk gebed, in hoofdstuk 17. Straks zal Hij de Kidronbeek oversteken.
Dan wordt Hij gearresteerd, zal Hij veroordeeld en gedood worden.
Maar juist nu wil Hij uitleggen hoe ze, als Hij er niet meer is, door moeten gaan.
Hoe ze toch met Hem verbonden kunnen blijven en vrucht kunnen dragen.
Hier fundeert Jezus zijn gemeente, voor als Hij naar de Vader gaat.
Hier legt Hij uit hoe je gelovig bent en christen bent, terwijl Jezus in de hemel is,
Daarvoor gebruikt Jezus juist dit beeld. Zonder Jezus kun je niets.
Maar het goede nieuws is: ook als Hij in de hemel is, kun je met Hem verbonden blijven.
Nu in onze tijd: kun je met Jezus leven, met Hem verbonden zijn. In Hem blijven!
Dus dit gedeelte is een heel centraal gedeelte met aanwijzingen van Jezus over kerkzijn,
over gemeente zijn, over leven met Hem, terwijl Hij in de hemel is.
[#3] Dat Jezus dan het beeld van de wijnstok, van de wijngaard gebruikt is niet nieuw.
Jezus gebruikt dit beeld, zoals Hij vaak gebruik maakte van beelden die Hij om zich heen zag.
Voor de Israëlieten was het een alledaags beeld: zo’n wijnstok, waar druiven aan kwamen.
Hij gebruikt dit niet, omdat de Wijnstok een soort levensboom is.
In allerlei oosterse religies en geloven staat het voor kracht en verbondenheid.
Gegrond zijn in de aarde, kracht ontvangen, sappen laten stromen.
Nee, Hij doet het omdat dit beeld zo’n duidelijk beeld is dat de profeten ook gebruikten.
Het beeld uit het Oude Testament dat God gebruikte voor zijn verbondsvolk.
Dat zie je ook in het woord ‘ware’ wijnstok.
Jeremia moest van God tegen het volk Israël zeggen:
Ik heb je geplant als een prachtige stek, een edele druif, maar wat ben je geworden?
Een verwilderde wijnstok met woekerende ranken.
Psalm 80 beschrijft dat ook: God heeft de wijnstok in Egypte uitgegraven.
Hem geplant op een ruime plek. Maar het is verbrand, voorbijgangers plukten de druiven.
Wilde zwijnen wroeten hem om.
Heer, bekommer u om deze wijnstok, kijk neer uit de hemel.
Doe ons uw kracht ten leven blijken!
Vele jaren hadden de Israëlieten geprobeerd om zelf weer dit wijnstok te worden.
Om vrucht te dragen, om door God geliefd te zijn, ze proberen de wetten te houden.
Ze hadden met hulp van Herodes een enorme tempel neergezet, en wat stond er bij de ingang?
Een beeld van een enorme wijnstok, met twijgen, blad en druiven.
De Joden wilden laten zien: wij zijn weer Gods volk, in genade aangenomen.
Maar Jezus had het wettische geloof gezien, de schijnheiligheid.
Hij zei: God zal die tempel afbreken, en in drie dagen weer opbouwen.
Het gaat in de toekomst niet meer om de tempel, maar om mij.
Ik ben de ware wijnstok! Mijn Vader is de landman.
God de Vader wil via zijn Zoon redding en leven geven.
God heeft nu Jezus geplant als onze verlosser.
Zorg ervoor dat als Ik straks weg ben, je met Mij verbonden blijft.
[#4] Daarbij kan Jezus felle woorden spreken tegen degenen die Hem niet aannemen.
Die niet geloven in Hem. Die menen dat ze Hem niet nodig hebben.
Maar tegelijk waarschuwt Hij ook zijn eigen leerlingen, de gelovigen, de kerk.
Hij zegt: Ik ben de ware Wijnstok. Mijn Vader is de Landman. Blijf in Mij.
Iedere rank aan mij die geen vrucht draagt, die snijdt Hij af.
Bij mijn wijnstok in de pastorietuin over de overkapping (zo geweldig mooi!) vind ik dat niet moeilijk.
Ik hoef niet een hele berg blad, twijgen die geen druiven hebben knip ik af.
Die gooi ik in de hanger en die gaan bij het tuinafval.
Maar welke gelovige heeft Jezus hier op het oog?
Wie draagt er geen vrucht?
We komen hier eigenlijk weer terug bij het begin onderwijs van Jezus.
In de bergrede zei Hij al: als het zout zijn kracht verliest, dient het nergens meer toe.
Dan kan het weggegooid worden. En dan eindigt de bergrede met het beeld van het huis.
Wie zijn huis bouwt op het zand, heeft geen stevige ondergrond, dat spoelt zomaar weg.
Zo zal ook de gelovige, die wel hoort, maar niet doet, wegspoelen.
God vraagt dat we ook werkelijk vrucht dragen.
Daarbij is het goed te beseffen dat blijf in Mij, niet alleen betekent:
Weten dat Jezus bestaat: maar werkelijk zijn levende water in je laten stromen.
Zijn Geest in je laten werken. We kunnen het niet zelf produceren.
Maar wie met Jezus en zijn Geest verbonden blijft, mag bidden dat er druiven komen.
Dat er vrucht komt over je werk, dat je groeit in liefde, geduld en vrede.
[#5] Maar zelfs als je wel vrucht draagt, moet je nog gesnoeid worden.
We hebben geen makkelijke tekst, geen makkelijk thema voor ons als gemeente.
Is het nog niet genoeg dat we vruchten zien komen, dat er vruchten groeien?
Nee, Jezus zegt: ook dan word je nog gereinigd.
Een twijg met twee of drie trosjes druiven, wordt na die druiven afgeknipt, bijgesnoeid.
Zodat de energie in die druiven, in de vrucht gaat zitten, en niet in het blad.
Als gelovigen zullen we steeds weer keuzes moeten maken,
dingen weg moeten laten om te kunnen groeien.
Wildgroei moet voorkomen worden.
Het woord dat hier gebruikt wordt is: reinigigen. Die rank, de twijg wordt gereinigd.
Vers 3 zegt: Jullie zijn al rein door het woord dat ik gesproken heb.
Opeens verlaat Jezus hier het beeld van de gelijkenis, en zegt tegen zijn leerlingen.
Jullie zijn al rein. Dat is het wel bijzondere van deze gelijkenis:
Jezus laat heel snel het beeld van de wijnstok los,
en spreekt dan over de leerlingen, over liefde, over de geboden houden.
Het voorbeeld en de werkelijkheid lopen steeds erg door elkaar.
Maar dat geeft ook gelijk veel uitleg: de leerlingen zijn dus al rein.
Wie het woord van Jezus gehoord heeft is rein. We worden dus niet rein door wat we doen.
Je wordt rein, door de woorden van Jezus. Door de genade. Door zijn vergeving.
Bij de voetwassing zegt Jezus ook tegen Petrus: je bent al rein.
Daarom hoeft Petrus alleen zijn voeten te laten wassen.
Maar tegelijk staat erbij: jullie zijn niet allemaal rein.
Want Hij wist wie Hem zou verraden. Judas zat nog aan tafel. Zijn voeten werden gewassen.
Maar Hij was niet rein. Hij leek aan de buitenkant een leerling, maar Hij was een verrader.
[#6] Dit gedeelte kan je een beetje bang maken.
Beelden van twijgen die afgeknipt worden.
Verderop: die twijgen die afgeknipt worden, die worden met de ander ranken verzameld.
Ze worden in het vuur gegooid en verbrand.
Van Jezus horen, zijn woorden leren kennen, vraagt inderdaad geloof.
Ook in Matteus 25, net voor zijn arrestatie, laat Jezus zien: het komt er steeds op aan!
Wanneer je de olie in je lampjes niet op orde hebt, kom je niet in het feestmaal.
Wanneer je de talenten niet gebruikt hebt, geen vrucht hebt, word je weggestuurd.
Wanneer je niet omgezien hebt naar de hongerige, de gevangenen, dakloze.
Zegt Jezus ik heb je niet gekend. Je gaat naar de bokken, naar rechts.
Maar … tegelijk, als je bij Jezus wil horen, hoeft dat je niet bang te maken.
We hoeven niet op eigen kracht of door eigen prestaties het te verdienen.
Jezus zegt gelijk erachteraan: als je maar in mij blijft, kun je vragen wat je wilt.
Ik zal het je geven. Blijf in Mij, blijf in mijn liefde. Blijf in mijn geboden.
En de grootheid van de Vader zal zichtbaar worden.
[#7] We zullen in de loop van het jaar verschillende kanten van dit thema uitwerken.
Maar vandaag hebben we de kern neergezet: we horen bij de ware wijnstok,
Als we in Jezus blijven. Alleen verbonden met Hem, kunnen we zegen verwachten.
Mogen we zegen verwachten, want wat we vragen in zijn naam krijgen we.
Hoe meer we met Hem verbonden zijn, hoe meer we ook beseffen wat Hij wil geven!
Wat is dan precies de vrucht? De catechisanten schreven het op:
Vreugde, vrede, liefde! Samen met elkaar gemeente zijn.
Om elkaar geven: om de ouderen, de jongeren, de werkenden, de kinderen.
Samen onderweg zijn, elkaar doen delen in de liefde van Christus.
Het betekent ook, en zeker voor de leerlingen, dat we anderen meenemen.
Soms wordt er wel gezegd: de druiven zijn hier niet de goede werken, maar dat zijn wij.
Dat zijn de mensen die door het werk van de leerlingen en apostelen tot geloof komen.
Dat is zeker ook een vrucht van de Gods Geest, maar niet alleen.
De vrucht is ook dat ons leven vol wordt van Gods liefde, we zijn geboden gaan doen.
Een bezoekje brengen bij die eenzame die niet naar de kerk kan.
Ons inzetten voor mensen die het moeilijk hebben, niet rond kunnen komen.
Voorbede en giften voor gebieden die geteisterd worden door oorlog en honger.
En wat is er dan mooier als de vrucht ook mag zijn dat mensen tot geloof komen.
Dat ze Jezus leren kennen als de ware wijnstok, die echt leven kan geven.
Als de Verlosser die zijn leven gegeven heeft voor onze zonden.
Zodat eenieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.
[#8] Daarom: blijf in Mij, zegt Jezus, en je zult veel vrucht dragen.
Maar hoe doe je dat? Door je handen te vouwen, je ogen te sluiten en aan Jezus te denken.
Door overdag regelmatig momenten te hebben waarop je met Hem praat.
Door samen te zingen, christelijke muziek te luisteren.
Door de Bijbel open te doen: alleen, samen, in de kerk, op vereniging.
Ook dat vraagt soms snoeien en weer nieuwe commitment:
Dat je er ook echt toe zet om weer te komen, als het kan, naar de kerkdienst (corona is voorbij). Dat je ’s morgens niet gehaast weggaat, maar ook tijd inruimt voor een podcast of een dagboekje. Dat je ’s avonds niet voor de TV ploft en met het bord op schoot eet, maar aan tafel, zonder telefoons, tijd en aandacht hebt voor elkaar en dan ook samen voor Gods Woord. Het zijn wat voorbeelden: het is niet goed of fout, maar de vraag is:
Wat zijn jouw goede voornemens voor het nieuwe seizoen.
Om werkelijk met Jezus te verbonden te blijven, om werkelijk in Hem te blijven.
Wat gaat je snoeien, wat gaat je voeden?
[#9] En dat zal niet vanzelf gaan: Jezus zegt niet voor niets ‘Blijf in Mij’.
Hij zegt niet ‘Denk aan Mij’, alsof het genoeg zou zijn dat je weet dat Hij er is.
Hij zegt niet ‘Leer van Mij’, alsof het genoeg is dat je uit kan leggen wat geloof is.
Hij zegt niet ‘Wees in Mij’, dat waren de leerlingen al.
Nee, als Hij weg gaat, als ze Hem straks niet meer zo kunnen zien,
Drukt Hij hen op het hart: Blijf in Mij. Hou vol, hou vast! Werkelijk met Hem verbonden!
Laten we zo samen op weg gaan. Naar de dag van de oogst.
Als we Jezus weer zullen ontmoeten, en Hij niet zal zeggen: Ik ken je niet.
Maar als Hij ons thuis zal nodigen. Als onze tranen van de ogen af zal wissen.
Als Hij met ons de Wijn nieuw zal drinken in zijn koninkrijk! Amen
Recente preken
- Lukas 14 - Aan tafel! #1 Je bent uitgenodigd!
- Zondag 40 - Pleeg geen moord, kies voor de vrede
- Handelingen 6 - Delen van wat je ontvangt in Christus
- Handelingen 5 - Hoe ben je zeker van het geloof?
- Zondag 38 - Leven vanuit de rust (sabbatsjaar)
- Prediker 4:6 - De kunst van werk en een handvol rust
- Numeri 27 - Mozes bidt om een herder voor het volk
- Zondag 34 - Pas op voor schijn-leven, houdt het ware leven vast!
- Numeri 6 - Ga onder Gods zegen!
- Num. 10 - De bazuin klinkt!